Indien een besluit in bezwaar of (hoger) beroep wordt herroepen c.q. vernietigd vanwege aan het betreffende bestuursorgaan te wijten onrechtmatigheid, kan de belanghebbende in aanmerking komen voor een vergoeding ter zake van de kosten van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand (mits de belanghebbende daarom tijdig, d.w.z. uiterlijk ter zitting, heeft verzocht). De hoogte van deze proceskostenvergoeding wordt bepaald aan de hand van het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb). Het Bpb kent ter zake een gesloten stelsel van forfaitaire vergoedingen. Dit brengt mee dat de belanghebbende niet zijn daadwerkelijk gemaakte kosten voor juridische bijstand krijgt vergoed, maar enkel de forfaitaire kostenvergoeding. Lees verder

Dit artikel maakt onderdeel uit van een maandelijkse cyclus van artikelen. Eerder verschenen artikelen zijn hier te lezen.