Digitalisering is een hot item. Elk bedrijf probeert op de meest innovatieve manier digitalisering in zijn bedrijfsvoering te integreren. De overheid kan daarin niet achterblijven. Zo heeft de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties op 14 juli 2018 de Agenda Digitale Overheid ‘NL DIGIbeter’ aan de Tweede Kamer aangeboden. Digitalisering kan de dienstverlening verbeteren door zaken slimmer aan te pakken, aldus de agenda.

De overheid wil deze kansen benutten, maar tegelijkertijd de autonomie van de burger respecteren. Door te innoveren en het gebruik maken van nieuwe digitale technieken komt er steeds meer data beschikbaar. De Grondwet en de daaruit voortvloeiende publieke waarden zoals privacy, zelfbeschikking en gelijkheid kunnen dan onder druk komen te staan. Het is van essentieel belang om deze rechten te borgen en zo de autonomie van de burger te respecteren. De agenda maakt onderdeel uit van de Nederlandse Digitaliseringsstrategie (Nederland Digitaal) wat een kabinetsbrede strategie is over alle zaken die te maken hebben met digitalisering.

Advies van de Raad van State
De Afdeling Advisering Raad van State (hierna: Afdeling) heeft onlangs een ongevraagd advies uitgebracht over de effecten van de digitalisering voor de rechtsstatelijke verhoudingen. Dit advies is een reactie op de Agenda Digitale Overheid. In deze agenda wordt één van de vijf doelen omschreven als “het beschermen van grondrechten en publieke waarden.” De Afdeling vraagt zich af hoe dit doel in de praktijk wordt gerealiseerd.

De Afdeling geeft in het advies aan dat er op gelet moet worden dat de burger niet de dupe wordt van verdergaande digitalisering bij de overheid. Digitale communicatie en de gegevensverwerking verlopen volgens de Afdeling nog niet gecoördineerd. Er wordt nog niet voldoende stilgestaan bij de gevolgen daarvan voor de verhouding tussen de overheid en de burger. Dit is te lezen in het persbericht van 6 september 2018 dat bij het advies hoort. Een aantal dingen stipt de Afdeling in het bijzonder aan.

De toegankelijkheid tot de digitale overheid vindt de Afdeling een belangrijk punt, toegang tot de overheid is volgens de Afdeling namelijk een beginsel van behoorlijk bestuur. Dit is volgens de Afdeling niet altijd even gemakkelijk, aangezien de overheid feitelijk uit honderden organisaties bestaat die de digitalisering niet allemaal op dezelfde manier aanpakken. Hierdoor kan de burger het spoor bijster raken, in het bijzonder mensen die door omstandigheden minder zelfredzaam zijn. Niet van iedereen kan verwacht worden dat ze alle digitale kanalen van de overheidsorganen in de gaten houden en hierin hun weg kunnen vinden. De Afdeling raadt aan om bovenstaand beginsel van behoorlijk bestuur voortdurend in het oog te houden, burgers hebben namelijk recht op zinvol contact met de overheid.

Een ander belangrijk aandachtspunt in de digitaliseringsslag zijn de digitaal genomen besluiten. Steeds vaker gebruiken overheidsorganen computers om besluiten voor hen te nemen. Dit komt tot stand door geautomatiseerde beslisregels (algoritmes), die volautomatisch besluiten nemen, zonder dat er een menselijke beoordeling aan de pas komt. Een menselijke blik blijft echter nodig om te beoordelen of van de regels moet worden afgeweken en om rekening te kunnen houden met alle relevante omstandigheden. De Afdeling adviseert daarom om scherp te letten op een goede motivering van besluiten, op deze manier kan een overheidsorgaan voorkomen dat het individuele burgers onevenredig benadeelt. Een gebrekkige motivering verslechtert de positie van de burger, maar ook aan de kant van de overheid kan een gebrekkige motivering uiteindelijk vervelende gevolgen hebben.

Een volgend aandachtspunt dat de Afdeling aanstipt is de nieuwe digitale werkelijkheid in wetgeving. Hier lijkt de wetgever niet altijd voldoende rekening mee te houden. De Afdeling benoemt dat het verstandig is dat de wetgever bij nieuwe wetten en regels reeds vanaf het begin aandacht besteedt aan de gedigitaliseerde uitvoering hiervan. Tevens moet de wetgever er bewust van zijn dat de ICT zich sneller kan ontwikkelen dan wetten en regels kunnen bijbenen.

Willen we te snel?
Een voorbeeld van de problemen waarvoor de Afdeling waarschuwt is terug te zien in het jaarverslag 2017 van de Zeeuwse ombudsman. De ombudsman van Zeeland stelt dat de digitalisering te snel gaat en dat overheden rekening moet houden met burgers die beperkte digitale vaardigheden hebben. De Zeeuwse ombudsman is meerdere malen benaderd door burgers met een probleem dat ontstond door digitalisering. Bij het landelijk meldpunt zijn ongeveer 600 meldingen binnengekomen. In het jaarverslag staat dat er is geconstateerd dat bij een bepaalde groep mensen de digitalisering van de samenleving problemen oplevert. Dit zijn niet alleen ouderen en laaggeletterden. De groep burgers die met digitalisering in aanraking komen groeit, omdat de overheden steeds meer digitaal gaan doen. Uit gesprekken met burgers blijkt dat ook veertigers problemen ondervinden. Maar ook jongeren weten zich niet altijd raad. Jongeren lijken digitaal vaardig, maar social media is iets anders dan omgaan met digitale formulieren en websites van overheden. Burgers met geen, of beperkte, digitale vaardigheden worden zo steeds afhankelijker van sociale contacten die hun erbij kunnen helpen. De Zeeuwse ombudsman geeft als advies dat het van belang is om een burger op een goede en duidelijke manier te informeren over het gebruik van hun accounts bij websites van overheidsinstanties. Het aanbieden van aanvullende informatie is ook een goede zet en bekijk wat een burger nodig heeft. Wil een burger iets liever op papier ontvangen, maak dit dan mogelijk. Verder geeft de Zeeuwse ombudsman als advies om verder te kijken dan papier in digitale post te vertalen. Met beeld en geluid bijvoorbeeld kun je ook heel veel duidelijk maken.

Hoe nu verder?
Het zou een goede zaak zijn om een overheidsjurist te betrekken bij het inrichten van de systemen die gebruik maken van algoritmes, zodat de juridische kwaliteit verhoogd wordt. Bij deze inrichting moet in het bijzonder het motiveringsbeginsel en het zorgvuldigheidsbeginsel in acht worden genomen. Tevens zal elke overheidsjurist die gebruik maakt van een besluit dat tot stand is gekomen met algoritmes, dit altijd goed moeten nalezen en het besluit eventueel aanpassen om rekening te kunnen houden met de specifieke omstandigheden. Dit verhoogt de kwaliteit van het besluit wat zowel ten goede van de burger als de overheid komt.

Verder is het van belang om als overheidsjurist er bewust van te zijn dat niet iedereen zijn weg kan vinden op websites en in digitale formulieren. Mocht een burger ergens specifiek om vragen of iets liever op papier willen, voorzie de burger daarin. Organisatiebreed is het verstandig om digitaal zo toegankelijk mogelijk te zijn en voldoende voorlichting te geven hoe deze kanalen gebruikt kunnen worden.

De toekomst zal het leren
Technologie ontwikkelt zich in een rap tempo, waarbij vele zaken gedigitaliseerd worden. De processen kunnen hierdoor versnellen en verbeteren, met vele positieve ontwikkelingen. Om te voorkomen dat de burger in de knel komt door de digitalisering is het als overheidsjurist goed om op de hoogte te zijn van de adviezen van de Afdeling. Het contact met de overheid is in de huidige tijd steeds intensiever en de burger verlangt steeds meer van de overheid. Het is de kunst om de digitalisering zo te sturen dat het ten dienste staat van zowel de overheden als de burgers. Door voldoende aandacht te besteden aan (de gevolgen van) digitalisering kan iedereen in de samenleving meekomen met de ontwikkelingen.

Meer lezen?

Hier lees je onze andere artikelen op het gebied van handhaving van veiligheid en leefbaarheid.

Juridische diensten

Voor het uitbesteden van uw handhavingsdossiers, gedegen juridisch advies, inhuur van interim handhavingsjuristen, opstellen van uitvoerbaar handhavingsbeleid, aanpak van adreskwaliteit, verbetering van recreatieterreinen en snippergroenprojecten is MB-ALL uw partner.